FitVandaag - Overtraining en werkcapaciteit
Info nu! - Bedrijfsboodschap
 
Werkcapaciteit vergroten
 

 
Regelmatig kun je lezen, na deze training heb je x uur herstel nodig blablabla, net alsof een inspanning een constante factor is die bij ieder mens en bij iedere fitheid gelijk blijft. Iedereen weet dat dat natuurlijk niet zo is.

Mensen die fysiek zwaar werk doen praten niet over overtraining of overbelasting of nodige hersteltijd. De volgende dag is gewoon weer een werkdag, dus hoe zwaar de dag ook is geweest, het herstel duurt tot de volgende ochtend en niet langer. Althans, de volgende belasting vindt weer plaats, herstelt of niet. 
 
Een paar voorbeelden, een vuilnisophaler zal als hij begint met de job waarschijnlijk na de eerste dag bakken laden kapot zijn, maar hij kan geen rust nemen, de volgende dag werkt hij opnieuw, dat zal niet makkelijk zijn, waarschijnlijk zal de eerste week echt zwaar voor hem zijn en het eerste weekend zal zeer welkom zijn, op maandag echter zal het wel weer gaan, de tweede week zal als geheel makkelijker gaan dan de eerste en na een week of 6 loopt hij de hele week fluitend met die bakken te gooien. Zijn gestel heeft zich aangepast aan de belasting van hget werk en die kan hij een hele tijd aan. Hij zal ook nog steeds sterker worden en iemand die dat werk jaren doet zal en zeer efficient zijn, dus zeer economisch omgaan met het werk dat hij doet, en ook gewoon erg sterk zijn geworden.
 
Voorbeeld twee, een timmerman gebruikt zijn armen heel veel, kijk naar de hand en onderarmen van een ervaren timmerman, relatief groot en sterk, een wedstrijdje armje drukken met een kantoorbaanmannetje is geen eens een wedstrijd voor hem.
Hoe werkt een timmerman?, per week doen zijn onderarmen een heleboel werk, hij zal zelden tot het uiterste gaan, maar qua volume is het werk dat hij doet een heleboel. Qua voeding schat ik in, dat een timmerman niet optimaal eet. Toch zal net als bij de vuilnisman zijn vermogen om te timmeren steeds verder verbeteren. Zover zelfs dat hij bijna met de ogen dicht en zonder bijna moe te worden bijna perfect beheerst.
 
Voorbeeld drie, een turner, niemand zal ontkennen dat die sterk en gespierd zijn, vaak wel met dunne beentjes.
Hoe traint een turner? iedere spiergroep in keer in de week en dan weer wachten tot hij geheel herstelt is? Nee een turner traint bijna dagelijks, en zijn bovenlijf zal bijna dagelijks hard moeten werken, tot maximaal zal hij niet vaak gaan, om zijn techniek te kunnen handhaven moet hij controle houden over zijn spieren en daar hoort tot falen gaan niet bij, er is geen spotter die hem wel even ondersteunt. Die dunne beentjes?, ja die doen niet zoveel, te zware benen zouden hem ook alleen maar hinderen, overbodig gewicht meeslepen is niet erg nuttig. Dus die dunne beentjes hebben hun functie.

 
Wat hebben al deze mensen gemeen?
 
Ze zijn sterk en technisch vaardig in hun vak en bewegingen. Ze werken hard en zijn technisch zeer zo goed dat het bijna perfectie benaderd.
Ze gaan niet vaak tot het uiterste, de volgende dag moeten ze immers weer aan bak, en tot het uiterste gaan, gaat ook ten koste van de uitvoering en techniek. Dus een beetje reserve overhouden leren ze snel genoeg.
Ze volgen ook geen strak programma, de belasting volgt hun werk. En dat werk voeren ze uit zoals ze dat kunnen, ze leren goed te luisteren naar hun lichaam.
Ieder van deze mensen is veel sterker op zijn gebied dan de gemiddelde sportschoolbezoeker, die braaf zijn voorzichtige programmaatjes volgt of zich afbeult met sets tot het uiterste waar zijn spotter op het laatst het meest werk verricht.  Wat kunnen we hiervan leren? Oefening baat kunst, als je iets veel doet zal je er goed in worden. Een keer in de week een paar setje van een beweging doen zal dat niet laten gebeuren, bewegingen moeten ingeslepen worden, zenuwen en spieren moeten leren om zeer goed samen te werken. 
Vaak tot het uiterste gaan is niet verstandig en onnodig, dit verstoord het bewegingspatroon en heeft veel hersteltijd nodig.
 
Nog een voorbeeld
 
Wanneer is een voetballer scherp voor de goal? Na een korte actie als ie nog fris is of na een lage sprint? Tijdens trainingen niet tot failure gaan zorgt voor een veel korter herstel, de volgende prikkel kan veel eerder gegeven worden. Overtraining bestaat natuurlijk wel, maar niet zozeer volume alswel intensiteit is vaak de beperkende factor, prikkel dus je lijf, maar niet te intensief, maar juist wel zeer geregelt, op die manier vergroot je je werkcapaciteit en wordt je goed in datgene wat je veel traint.
 
Wil je bv goed worden in bankdrukken, train dat dan veel, maar ga zelden of nooit tot failure, slijp de beweging er helemaal in maar zorg dat de belasting binnen de perken blijft.